Algemene schaatstechniek

1. Wat is een ronding?

De ronding zit aan de onderkant van het schaatsijzer. Wanneer je op het ijs staat, maakt het niet contact over de gehele lengte van het ijzer, maar een klein deel. Het stelt je in staat om de schaats te sturen. Ook wel insturen genoemd.

Het wordt uitgedrukt in meters: een ronding van 21 meter betekent dat het ijzer precies past in een cirkel met een straal van 21 m.

  • Kleinere ronding (kleiner dan 20)→ meer sturing, kortere glijfase. (zoals shorttrack)

  • Grotere ronding (groter dan 20)→ minder sturing, langere glijfase.(zoals langebaan schaatsers)


2. Wat is de ideale ronding?

Een ronding kan vergeleken worden met één versnelling op de fiets bij een zeer stugge ijzers(cq buis). Gelukkig hebben de ijzers een mate van flexibiliteit en is de ronding te beïnvloeden. De ronding kan ronder of platter gedrukt worden, tijdens het schaatsen. Dit hangt van vele factoren af, zoals:

  • Type schaatser (shorttrack, sprinter, langebaan, marathon).

  • Techniek(achterop of meer voorop "in de ijs rijden")

  • Timing

  • Stijl    Sverre Lunde Pedersen en Havard Bøkko imiteren andere schaaters! - YouTube
  • Snelheid

  • Lichaamsgewicht

  • Type en lengte van de buizen.
    👉 Vuistregel: kies een ronding die je stabiel laat sturen én je kracht efficiënt laat overbrengen bij een gewenste snelheid. 


3. Heb ik een bending nodig?

Door het ijzer opzettelijk vooraf te "benden" is het ijzer in tegengestelde richting krom gemaakt(van bovenaf gezien). Tijdens grote krachten(bocht of hoge snelheid) behoudt het ijzer zijn rechte vorm. Over het algemeen horen ijzers zo recht mogelijk te zijn.

  • Bij hoge snelheid en bochten kan een lichte bending zorgen voor meer grip en drukverdeling. 

  • Laat benden altijd door een specialist doen.


4. Waarom piepen mijn schaatsen bij remmen of neerzetten?

Dit heeft mogelijke de volgende oorzaken:

  • Zeer koud ("droog") ijs → weinig smeltlaag.

  • Onregelmatigheden of matte slijping van de ijzers.

  • "zwabbervoet"
  • Techniek: te hard/snel of in bepaalde hoek neerzetten.
    👉 Oplossing: professioneel slijpen en letten op je neerzet.


5. Waarom blijf ik "plakken" aan het ijs?

Dit wijst vaak op een te vlakke ronding. Een ronder geslepen ijzer vermindert het plakken en maakt de schaats meer stuurbaar.


6a. Ik heb te veel druk tijdens de afzet.

  • Fysiek:  je schaatst kort of het kan ook door verzuring komen → je kunt de druk niet meer wegduwen. 

  • Materiaal: te ronde ronding → stuurt eerder naar binnen toe. Iets vlakker slijpen maakt de afzet langer en verdeelt de kracht beter.

  • Techniek: Basis is achterop blijven zitten

6b. Ik heb te weinig druk tijdens de afzet.

  • Fysiek:  Je rijd breed of stuurt niet voldoende in. Insturen kost moeite.

  • Materiaal: te vlakke ronding → stuurt laat naar binnen toe. Iets ronder slijpen maakt de afzet korter en verdeelt de kracht beter.

  • Techniek: Basis is achterop blijven zitten

7. Hoe werkt de afzet precies?

  • Je zet zijwaarts af vanuit heup, knie en enkel. De navel is het middelpunt en zit precies boven je schaats.

  • Tijdens het afzetten, ga je diep in de hoeken zitten en zorg je dat je tijdens de gehele afzet voldoende druk houdt en dat de schaats instuurt om nog langer af te kunnen zetten. Aan het einde van de afzet(je valt bijna om) zet je het bijhaalbeen zo laat mogelijk op het ijs neer precies onder je navel(van boven gezien). Eenmaal neergezet op het ijs, wordt dit het afzetbeen. het bijhaalbeen(eerst de afzetbeen) haal je zo snel mogelijk bij en houdt je(tijdens de afzet) naast je afzetbeen.
    (bij langeafstandrijders wordt het bijhalen "versmeert". Het bijhalen gaat langzaam en is laat om rust in de benen te houden.)


8. Waarom verlies ik snelheid als ik verzuur?

Bij verzuring raken je beenspieren vermoeid en verschuift je middelpunt om maar niet op die schaatsen te hoeven leunen. Gevolg: meer naar voren te hangen.

  • Hierdoor verschuift het drukpunt van de achterzijde naar het midden van het schaatsijzer.

  • Het ijzer wordt platter gedrukt (grotere ronding).

  • Gevolg: je gaat breder rijden, verliest sturing én druk.
    👉 Resultaat: de snelheid loopt terug, omdat je geen effectieve afzet meer kunt maken.

 

9. Wat is het middelpunt van de schaatsafzet?

Het middelpunt van je schaatsafzet ligt ongeveer net achter je navel.